Naar kunstnieuws

Kampleven heeft het leven van Lakalay getekend

Kunstenaar verbeeldt verhalen van zijn voorouders op Kisar

Zijn vader was verhalenverteller. Dat is hij niet, zegt Raymond (Bakker) Lakalay, maar hij verstaat wel de kunst verhalen te verbeelden. Dat doet hij met zijn banners waarvoor hij de inspiratie uit zichzelf haalt, uit zijn Molukse roots die liggen op het eiland Kisar.

In het werk van Lakalay staan verhalen van zijn voorouders en het eiland Kisar centraal.
In het werk van Lakalay staan verhalen van zijn voorouders en het eiland Kisar centraal.

Een paar maanden voor zijn geboorte, in 1951, kwamen zijn ouders naar Nederland. Die hadden huis en haard op de Molukken verlaten en kwamen terecht in Kamp Schattenberg, bij Assen. ,,Het kampleven heeft mijn leven getekend. Ik heb tot mijn elfde op een kamp gewoond. Eerst in Assen en daarna in Groesbeek. Mijn vader wilde daar kasten neerzetten waar onze kleren in konden. Mijn moeder wilde dat niet. Die heeft vijf jaar volgehouden dat we binnen vijf jaar weer terug zouden gaan naar de Molukken en dus bleef onze kleding in de koffers.”

Je ziet aan Raymonds ogen dat de herinneringen aan zijn jeugd iets met hem doen. In 1955 kregen we geen eten meer. De overheid vond dat we onszelf moesten bedruipen. Toen heb ik meegekregen wat honger is en heb daar misschien wel een tik aan overgehouden, want ik gooi niks weg.
Raymond, die sinds begin jaren 80 in Hoorn woont, is autodidactisch kunstenaar. Hij had wel talent voor tekenen en schilderen, maar begon zijn werkzame leven in de reclame. ,,Mijn vader was een verhalenverteller. Ik ben slecht in vertellen, maar kan wel verhalen verbeelden en ging dat doen met het maken van schilderijen.”

,,Ik ben slecht in vertellen, maar kan wel verhalen verbeelden.”
,,Ik ben slecht in vertellen, maar kan wel verhalen verbeelden.”

Niet zomaar verhalen, maar verhalen die hij wil overdragen voor het behoud van zijn cultuur en als nagedachtenis aan zijn voorouders. ,,Mijn kinderen praten nauwelijks Maleis. Ze kunnen het verstaan, maar echt praten is iets anders. Hun kinderen kunnen dat al helemaal niet en op een gegeven moment dacht ik: ik moet iets van de Molukse taal en cultuur doorgeven, want het sterft anders langzaam uit.”
Raymond vertelt hoe zijn familie aan de oer-Hollandse achternaam Bakker is gekomen. Hij pakt zijn stamboom erbij. Bovenaan staat de naam Lakalay. ,,Dit is honderden jaren geleden. Ze hadden toen geen voor- en achternamen. Je had gewoon een naam en niemand had diezelfde naam. Dat veranderde toen de Nederlanders kwamen en de mensen gedoopt moesten worden. Lalakay was onze voorouder, maar wij stammen af van Pakar en dat is verbasterd tot Bakker.”

Stamboom
Raymond vertelt hoe zijn familie aan de oer-Hollandse achternaam Bakker is gekomen. Hij pakt zijn stamboom erbij. Bovenaan staat de naam Lakalay. ,,Dit is honderden jaren geleden. Ze hadden toen geen voor- en achternamen. Je had gewoon een naam en niemand had diezelfde naam. Dat veranderde toen de Nederlanders kwamen en de mensen gedoopt moesten worden. Lalakay was onze voorouder, maar wij stammen af van Pakar en dat is verbasterd tot Bakker.”

Raymond wilde lange tijd zijn achternaam Bakker veranderen in Lakalay. ,,Mijn kinderen waren het daar alleen niet mee eens en het is ook een gedoe als je dat allemaal via de officiële weg moet doen. Toch ben ik als kunstenaar de naam Lakalay een paar jaar geleden gaan dragen, toen ik begon met het werk dat ik nu maak.”

Weefkunst
Inspiratie daarvoor komt van de ikats die op het eiland Kisar worden gemaakt. ,,Mijn ouders komen daar vandaan. Het is een klein eilandje, maar in die regio wel een belangrijk eilandje dat bekend is om de weefkunst. Het weefseizoen start daar in oktober, want dan is de katoenoogst. De kleuren voor de touwen die ze voor de ikat gebruiken, veelal rood, halen ze daar uit een bepaalde boom. Op de meeste eilanden gebruiken ze voorgefabriceerde kleuren, maar op Kisar maken ze alles zelf.”
In zijn schilderijen, die Raymond banners noemt, transformeert hij die weeftraditie, tot monumentale schilderingen, waarbij de verhalen van zijn voorouders en die van Kisar centraal staan. Zo liet hij zich onder meer ook inspireren door de duizenden jaren oude grottekeningen die nog niet eens zo heel lang geleden op het eiland werden ontdekt.
Kisar is overigens ook niet de oorspronkelijke naam van het eiland. De Nederlanders hebben het zo genoemd. Die kwamen daar op het strand, staken een stok in de grond en vroegen aan een inlander: hoe heet dit? Die dacht dat ze het witte zand op het strand bedoelden: kiasar. Eigenlijk heet het eiland Yotowawa.”

Lakalay bij zijn werk geïnspireerd op grottekeningen van Kisar
Lakalay bij zijn werk geïnspireerd op grottekeningen van Kisar

Lijntje met Hoorn
Zijn banners exposeert hij vanaf 23 augustus in De Boterhal en daar toont hij ook een monumentaal werk dat hij samen met Juul Sadée tot stand heeft gebracht. Hij kwam met haar in contact in zijn zoektocht naar iemand met een Molukse achtergrond om mee te exposeren. ,,Ik kwam uiteindelijk via interen bij Juul Sadée terecht. Zij werkt in Maastricht met Molukkers en toen ik benaderde bleken we een goede klik te hebben. ”
Juul Sadée komt dan wel uit Maastricht, maar bleek al een lijntje met Hoorn te hebben. Haar installatie 'Un conditional' is onderdeel van 'Pala - Nutmeg tales of Banda', de online presentatie van het Westfries Museum over de rijke geschiedenis en cultuur van de Banda-eilanden. Vertrekpunt voor dit werk was Eva Ment, de vrouw en weduwe van J.P.Coen.
Toeval? Raymond gelooft daar niet in. ,,Ik wist niets van haar band met Hoorn en kende Eva Ment ook niet. Nu pas, door Juul weet ik wie dat is. Dat het toevallig zo moest zijn dat we elkaar hebben gevonden, daar geloof ik niet in. Ik geloof dat dingen gebeuren. Klaar.”

Tweedeling
Hun samenwerking resulteerde in het vier meter lange werk ‘Yotowawa’. ,,Motieven die Juul in haar werk gebruikt, heb ik toegepast en op een bepaald moment voegde zij er twee stenen aan toe. Ik was op Kisar toen ik daar het verhaal hoorde over de tweedeling van het eiland. Die ontstond door twee clans die in hun strijd om het land elkaar uitdaagden twee stenen op te tillen en wie ze het eerst stuk sloeg, werd landeigenaar. En dan komt Juul met twee stenen. Dat is geen toeval, het gebeurt.”
De twee kunstenaars exposeren hun werk in Hoorn onder de naam ‘Ikatterikat’. ,,Een titel met velerlei betekenis. Het is een verwarde knoop, maar ergens betekent het ook verbinding. Ikatterikat is niet iets, maar het omvat wel alles wat met verbinden en verwarring te maken heeft.”
De tentoonstelling draait ook om die dubbele betekenis: enerzijds de schoonheid van verbinding, anderzijds de verwarring van een complexe wereld die vraagt om ‘ontknoping’. Dat is ikatterikat.

Performance ’Eva’s tranen’ kan dialoog op gang brengen

In ’Eva’s tranen’ verweeft kunstenaar Juul Sadée geschiedenis, vrouwelijk erfgoed en symboliek tot een performatieve vertelling die raakt aan actuele en tijdloze thema’s. Ze brengt deze vertelling op zondag 7 september in De Boterhal.

Vertrekkend vanuit het levensverhaal van Eva Ment (1606–1652), echtgenote van VOC-gouverneur Jan Pieterszoon Coen, ontvouwt zich een narratief dat reikt van de 17e eeuw tot het heden. Het richt de blik op vrouwen die, vaak buiten het zicht, vormgaven aan samenlevingen langs de Euraziatische zeeroutes: lerend, helend, zorgend, raadgevend, scheppend.

Detail van het borduurstuk ’Hansina, Ansje, Eva’ van Juul Sadée.
Detail van het borduurstuk ’Hansina, Ansje, Eva’ van Juul Sadée.

Sadée onderzoekt in deze performance de spanningsvelden tussen macht en compassie, zichtbaarheid en afwezigheid, (on)voorwaardelijkheid en overgave. Thema’s als kolonisatie, slavernij, intercontinentale handel en spirituele continuïteit vloeien subtiel samen in deze gelaagde vertelling. De performance wordt gedragen door Sadée’s eigen werken: het borduurstuk ’Hansina, Ansje, Eva’ en de sculptuur ’1621–1860’, die deel uitmaken van de duo-expositie ’Ikatterikat’. Met haar ocean drum als klanklandschap nodigt Sadée het publiek uit tot verstilling, reflectie en dialoog – over verleden, heden en het collectieve geheugen.

’Eva’s tranen’ is gratis toegankelijk en begint 7 september om 14 uur in De Boterhal aan het Kerkplein in Hoorn. Zie ook: boterhal.com