Naar alle columns

Zorgplicht

Door Agnes Frijlink

'Ach, wat lief',.. dacht ik, kijkend naar de 43 koppies die zich verdrongen in dat veel te kleine potje; ze buitelden over elkaar heen om het licht te vangen. Dat letterlijk alle 43 pompoenpitten, die ik in het najaar in een doosje had gedaan en afgelopen april in een potje met potgrond had gestopt, uit zouden komen, had ik niet kunnen bedenken. Maar het optimisme waarmee deze kiempjes uit hun pit ontsproten waren, ontroerde me. We hebben een leuke tuin, maar een echte moestuin is het niet. Ik herinnerde mij dat ik vorig jaar mijn handen al vol had aan 1 pompoenplant. 'Is het normaal dat ze zooo groot worden?', vroeg ik wat naïef aan een vriendin. Voor 43 pompoenplanten had ik een heuse akker nodig. Ik heb geen akker. Maar wat dan? Wie A zegt moet ook B zeggen, vond ik. Ik had een zorgplicht: al die blije koppies moesten een kans krijgen.

Tja, het wonder van het groeien en bloeien. Nu moet ik bekennen dat ik doorgaans niet echt veel succes heb met mijn groentes, maar dat doet er niet toe. Het gaat meer om het proces dan om de resultaten. Het is leuk als iets lukt, maar ik ga toch wel naar de markt of supermarkt. In vroeger tijden lag dat anders, toen mensen voor hun eten afhankelijk waren van de opbrengsten uit hun moestuin.

Armand de Beul in de moestuin
Armand de Beul (1874-1953) in de moestuin

Op zoek naar schilderijen over moestuinen kwam ik twee mooie werken tegen. Het eerste werk is van een vrij onbekende Belgische schilder Armand de Beul (1874-1953). Ik vond dit werk op Catawiki, waar het voor een opvallend lage prijs werd aangeboden. Maar dat terzijde. Het is een prachtig werkje dat met vaardigheid is geschilderd. Kijk eens naar de eenvoud en de trefzekerheid waarmee de rode kool is neergezet, de suggestie van de groenteperceeltjes achter de vrouw en de eigenzinnig groeiende bomen voor het huis met de witte muren. En niet te vergeten de voorovergebogen vrouw die onze meeste aandacht trekt, die de rode kool inspecteert. Waar zou ze naar kijken? Of er geen slakken op zitten? Of ze al oogstrijp zijn? Of ze water nodig hebben? Geen idee, dat staat er niet bij, maar ze zal goed voor ze zorgen, dat weet ik zeker.

Jacob Maris (1837-1899) in de moestuin
Jacob Maris (1837-1899) in de moestuin

Het tweede werk is van de Nederlandse schilder Jacob Maris (1837-1899). Dit werk zul je niet op Catawiki tegenkomen; het is van een andere prijsklasse, zullen we maar zeggen. Niet geheel onterecht overigens, want, wat een belevenis is dit. Het licht spat ervan af. Maris speelt met de verf. Met een paar ogenschijnlijk achteloze streken zet hij de vrouw, de bladeren van de bonen en de bonenstaken neer. Hij vangt de zon. Heerlijk, je ruikt de olieverf zelfs vanaf het scherm. De vrouw is de sperzieboontjes waarschijnlijk aan het plukken. Ik denk dat ze alleen het maaltje voor vandaag plukt en niet alles al van de planten haalt. Ze verzamelt ze in haar schort. Opvallend is dat dit een vrij tweedimensionaal werk is. Maris schept in dit schilderij eigenlijk helemaal geen diepte. Die creëren we zelf in ons brein. Zou de vrouw ook nog ergens pompoenen kweken?

Hmmm, o ja, pompoenen. Hoe gaat het met die kleine koppies? Nou, ze zijn intussen al uitgegroeid tot behoorlijke planten. De helft heeft elders onderdak gekregen, dan andere helft staat verspreid door onze tuin. Of het wat wordt? We doen ons best.