ik leef op korte eindjes vrij en bevrijd alsof het niet van mij is kus ik de stilte in mij blaas ik bubbeltjes met mijn ogen schiet ik rozen als vanzelf als een elf je klop ik als de dove weer eens op die deur blind als een wasbeer voor zijn geur pluk ik verwelkte bloemen met mijn lach stralend steek ik mijn tong uit naar het graf verdomme ik wil het niet meer het doet mij zeer die lach geeft me genoegen maar niet genoeg omdat het niet de mijne is